Belnuc
Homepage arrow Thematische dossiers arrow Kinderen in nucleaire geneeskunde
Kinderen in nucleaire geneeskunde Afdrukken
Dr. Gisèle Depas
CHU - Liège

« Het eerste artikel uit het Verdrag inzake de Rechten van het Kind stelt dat onder dit verdrag ieder mens jonger dan achttien jaar als kind wordt beschouwd. »

In het merendeel van de afdelingen voor nucleaire geneeskunde komen ook kinderen over de vloer die er worden onderzocht en behandeld.
Bepaalde van die afdelingen zijn kindvriendelijk ingericht met een specifieke kinderruimte binnenin de afdeling en met medisch en paramedisch personeel dat een specifieke opleiding volgde gericht op kinderpathologieën en op het omgaan met kinderen. Dat klopt voor de zogenaamde « traditionele », nucleaire geneeskunde die gewoonlijk als  « scintigrafie » wordt omschreven.

In België zijn er geen PET scanner centra speciaal ingericht voor kinderen.

De algemene onderzoeksprincipes in pediatrie zijn dezelfde als bij volwassenen :

Oediening van een specifieke radiotracer van het te onderzoeken orgaan en het maken van beelden met behulp van een camera.

Om een duidelijke foto te verkrijgen mag het patiëntje niet bewegen. Net als bij een vakantiekiekje op het grasveld in de zomer. Hier gaat het echter om een ziekenhuisomgeving met een veel groter fotoapparaat (dat wel plusminus kan worden weggestopt). De toediening van de contrastvloeistof gebeurt echter vaak intraveneus en hier hebben kinderen wel een hartsgrondige hekel aan. Zie: « Mijn ziekenhuis in potlood: het ziekenhuis door de ogen van kinderen.» www.whatdoyouthink.be. (« Kinderen in het ziekenhuis »).

Net zoals een verwittigd man er twee waard is, is een goed voorbereid kind er wellicht drie waard, meer bepaald het kind zelf en de ouders die het kind begeleiden en vaak nog onzekerder zijn dan het kind.

Voorbereiden is dus van primordiaal belang. Vraag in eerste instantie de pediater waarom hij het onderzoek aanvraagt, wat hij ervan verwacht. Hij kan u misschien al een en ander vertellen over het verloop van een dergelijk onderzoek.

Vraag het secretariaat, wanneer u een afspraak maakt, of er geen foldertje beschikbaar is met uitleg over het onderzoek of vraag dat men u het verloop van een dergelijk onderzoek kort schetst.

Elk onderzoek verloopt, afhankelijk van het betrokken orgaan, volgens een specifieke methode:

Voorbereiding, duur, wijze van toediening van de radiotracer.

Op de dag van het onderzoek bereidt u alles volgens de richtlijnen van dokter voor. U zorgt er echter ook voor dat u het verslag van eerdere onderzoeken bij de hand hebt. Het is van het grootste belang dat het jonge kind wordt begeleidt door een persoon in wie het vertrouwen heeft, die helpen kan, maar die ook begrijpen kan dat het soms beter is om zich even terug te trekken. Niet te veel mensen: het gaat hier immers niet om het evenement van het jaar! Geen broer of zus die begeleiden: centraal staat immers de kwaliteit van het uit te voeren onderzoek. Breng een spelletje, wat strips of een knuffel mee waar het kind
een houvast aan heeft.

Wanneer mama zwanger is, kan ze niet mee. Dan moet u voor een andere begeleider zorgen. Zwangere vrouwen mogen theoretisch geen afdelingen voor Nucleaire geneeskunde betreden.

Indien de inspuiting intraveneus gebeurt en u weet waar het kind « goede », aderen heeft - meer bepaald de plek waar de injectie of de bloedafname nagenoeg steeds probleemloos verloopt - kunt u hier Emla®crème op aanbrengen (verkrijgbaar op doktersvoorschrift). Het verzacht de pijn of neemt de pijn zelfs helemaal weg. In de praktijk werkt dit echter niet altijd voor de volle honderd procent omdat het voor ouders niet altijd makkelijk is om de « goede » ader te vinden of omwille van vascoconstrictie of vaatvernauwing. Zorg ervoor dat er steeds één bovenlid overblijft waarop geen Emla® crème werd aangebracht.

In bepaalde gevallen kan er ook Meopa®worden gebruikt. Het is een gas dat voor een oppervlakkige cutane anesthesie (verdoving van de huid) zorgt en die het onderzoek ± doet vergeten. Er zijn geen bijwerkingen, maar het kind moet wel willen meewerken omdat het gas moet worden ingeademd via een aerosolmasker. Soms is dat masker voor het kind bedreigender dan de procedure zelf.

Daarom wordt Meopa® enkel gebruikt bij zeer bijzondere onderzoeken zoals cystografieën. Ook moet het medisch en/of paramedisch personeel overtuigd zijn van het nut en gemotiveerd zijn omdat het anders niet werkt en voornamelijk « iedereen » op de heupen zal werken.

De meest frequente onderzoeken bij pediatrie zijn:

  • Onderzoek naar gastro-oesofageale reflux (zie specifieke informatiefiche)
  • DMSA-scintigrafie (zie specifieke informatiefiche)
  • Botscintigrafie (zie specifieke informatiefiche)
  • Onderzoek naar de nierfunctie (zie specifieke informatiefiche)
  • PET scan bij oncologie, neurologie of bij bepaalde inflammatoire of infectieuze pathologieën. OPMERKING: heel dit gedeelte is een overzicht van links naar patiënten-informatiefiches die later worden aangevuld.
 
CMS by DMoon