Belnuc
Homepage arrow Mijn arts heeft mij voorgeschreven arrow Scintigrafie van de myocardperfusie
Scintigrafie van de myocardperfusie Afdrukken
Dr. Th. Derème
CHR - Namur

Bij een cardiologische check-up worden vaak meerdere soorten van cardiologische scintigrafieën uitgevoerd: enerzijds de scintigrafie van de myocardperfusie, die bij inspanning of in rust wordt uitgevoerd, en anderzijds de isotoop-ventriculografie. Deze verschillende scintigrafie-onderzoeken zijn gericht op het geven van antwoorden op zeer uiteenlopende klinische vragen en verlopen in de praktijk op totaal verschillende wijze.

Scintigrafie van de myocardperfusie bij inspanning

Het hart is de pomp die het bloed doet stromen door heel het lichaam. Om dat werk aan te kunnen moet de spierwand van het hart zelf worden bevoorraad door een netwerk van adertjes die we de « coronaire bloesomloop » noemen.

Tal van hartproblemen vinden hun oorsprong in een verminderde bloeddoorstroming ter hoogte van de coronaire bloedsomloop. Een vernauwing van een ader van de coronaire bloedsomloop kan dus de hartspier beschadigen; inzonderheid wanneer de behoefte aan zuurstof toeneemt (ischemie of inspanningsangina).
Anderzijds kan een spontane verstopping van een ader van de coronaire bloedsomloop, althans als die voldoende lang aanhoudt, tot necrose (= het afsterven) van een deel van de hartspier (infarct) leiden.

Doel van de scintigrafie van de myocardperfusie bij inspanning is de bloeddoorstroming te meten in de coronaire bloedsomloop tijdens het leveren van een inspanning.

Scintigrafie van de myocardperfusie bij inspanning is inzonderheid aangewezen om :

  • De initiële diagnose te stellen bij een coronaire insufficiëntie (aandoening van de coronaire bloedsomloop) en te bepalen bij welke patiënten een invasieve ingreep, zoals een coronarografie, zich opdringt.
  • De ischemie te lokaliseren en aan te tonen, meer bepaald de hemodynamische weerslag van een eerder gedocumenteerde vernauwing (CT-scan of coronarografie) van een kransslagader en na te gaan of enig heil kan worden verwacht van een correctie van die vernauwing door overbrugging of door dilatatie.
  • Het risico op hartstoornissen te bepalen bij patiënten met risicofactoren inzonderheid voor het uitvoeren van een chirurgische ingreep.

Bij het onderzoek moet intraveneus een radioactieve tracer worden ingespoten die zich op de verschillende delen van de hartspier vastzet in evenredigheid met de lokale bloeddoorstroming. Het inspuiten van de radiotracer gebeurt op het moment van maximale inspanning, veelal bij het fietsen.

De inspanning gebeurt onder toezicht van de cardioloog met controle van de bloeddruk en continue registratie van het elektrocardiogram. De inspanningsproef op zich duurt +/- 15 à 30 minuten. De gebruikte radiotracer heeft geen enkele bijwerking maar kan niet worden gebruikt bij zwangere vrouwen (of bij vrouwen bij wie een zwangerschap wordt vermoed).

In sommige gevallen, en meer bepaald na een infarct of indien de patiënt niet bij machte is een afdoende inspanningsproef te leveren op de fiets (gestoorde bewegingsfunctie, pijn in de onderste ledematen, …), wordt de inspanning op de fiets vervangen door een “farmacologische test”: in plaats van de patiënt te laten trappen op de pedalen van de fiets krijgt hij voor inspuiting van de radiotracer een medicijn toegediend dat een aantal effecten van de inspanning op de coronaire bloedsomloop nabootst. De farmacologische test neemt eveneens +/- 20 minuten in beslag.

Tussen het vastleggen van de scintigrafische beelden en het einde van de inspanningsproef (of van de farmacologische test) wordt over het algemeen een pauze ingelast van 30 tot 90 minuten. In de tussentijd wordt de patiënt soms gevraagd een lichte maaltijd te nuttigen om de radiotracer via digestieve weg sneller uit het lichaam te krijgen.

Het vastleggen van de scintigrafische beelden gebeurt met behulp van een gammacamera. Het vastleggen duurt over het algemeen ongeveer 15 tot 30 minuten. Voor een goed resultaat wordt er gevraagd om dan zo weinig mogelijk te bewegen. Vaak gebeurt het vastleggen van de beelden tegelijk met het registreren van het hartritme, om tezelfdertijd de algemene werking van het hart (meer bepaald het pomprendement) te evalueren.

Na het vastleggen van de scintigrafische beelden wordt de patiënt gevraagd nog een tiental minuutjes geduld te oefenen om de kwaliteit van de beelden te controleren. Indien er enige anomalie - zelfs de kleinste - wordt gedocumenteerd op de beelden na het leveren van de inspanningsproef, wordt er meteen een afspraak gemaakt om een vergelijkend onderzoek in rust uit te voeren (zie hierna).



Wat u weten moet wanneer u langskomt voor een scintigrafie van de myocardperfusie bij inspanning:

Houd bij het maken van de afspraak de lijst van medicijnen die u momenteel
neemt bij de hand
Voorbereiding op het onderzoek:

  • Houd rekening met de aanwijzingen met betrekking tot het niet nemen van bepaalde medicijnen gedurende 24 tot 48 uren voor het onderzoek
  • Drink 24 uur voor het onderzoek geen thee, koffie of cola en eet ook geen bananen

De dag van het onderzoek:
  • U moet zich niet aandienen met een lege maag, maar het is wenselijk dat u geen te zware maaltijd nuttigt voor het onderzoek
  • Geen tabak
  • Kleed u comfortabel zodat u de inspanning op de fiets onder de beste omstandigheden kunt leveren; breng eventueel een kleine handdoek mee
  • Meld meteen bij aankomst dat u (mogelijk) zwanger bent
  • Trek in totaal ongeveer (inspanning + vastleggen van de beelden) 2h30 uit voor de test
  • Zorg voor een eventuele snack die u mag nuttigen tijdens de pauze die nodig is om de beelden vast te leggen

Scintigrafie van de myocardperfusie bij rust

Dit onderzoek is gericht op het meten van de bloeddoorstroming in de coronaire bloedsomloop (zie supra) bij rust.

Scintigrafie van de myocardperfusie bij rust is inzonderheid aangewezen:
na een onderzoek met inspanningsproef waarbij de resultaten afweken van het normale om de aard van de stoornis van de bij de inspanningsproef vastgestelde myocardperfusie te bepalen: indien de stoornis bij rust dezelfde is, gaat het over het algemeen om de nasleep van een myocardinfarct; terwijl een verbetering van de stoornis bij rust veelal duidt op een myocardische ischemie bij inspanning (letsel van de hartspier als gevolg van een aandoening van de coronaire bloedsomloop met een verminderde coronaire bloeddoorstroming bij inspanning);
na een myocardinfacrt, om de draagwijdte en de prognose vast te stellen;
om na te gaan of revascularisatie via dilatatie of overbrugging de werking van de hartspier eventueel kan verbeteren wanneer die werd aangetast door een aandoening van de coronaire bloedsomloop (onderzoek naar de « leefbaarheid » van het myocard).

Bij het onderzoek dient in rust intraveneus een radioactieve tracer te worden ingespoten die zich op de verschillende delen van de hartspier vastzet in evenredigheid met de lokale bloeddoorstroming. Daartoe wordt dezelfde radiotracer gebruikt als bij de scintigrafie bij inspanning; alleen de injectieomstandigheden verschillen. Deze radiotracer heeft geen enkele bijwerking, maar mag niet worden gebruikt bij zwangere vrouwen (of bij vrouwen bij wie een zwangerschap wordt vermoed).

De tijd tussen de inspuiting bij rust en het aanmaken van de beelden evenals de modaliteiten voor het vastleggen van de beelden zijn dezelfde als bij het onderzoek met inspanningsproef (zie supra).

Wat u weten moet wanneer u langskomt voor een scintigrafie van de myocardperfusie bij rust:

Voorbereiding op het onderzoek:
Over het algemeen geen

De dag van het onderzoek:
  • U moet zich niet aandienen met een lege maag, maar het is wenselijk dat u geen te zware maaltijd nuttigt voor het onderzoek.
  • Meld meteen bij aankomst dat u (mogelijk) zwanger bent
  • Trek in totaal ongeveer 2h00 uit voor de test
  • Zorg voor een eventuele snack die u mag nuttigen tijdens de pauze die nodig is om de beelden vast te leggen.

Isotoop-ventriculografie

Met dit onderzoek kan zeer precies en reproduceerbaar de hartwerking worden geëvalueerd; meer bepaald de manier waarop het hart zijn rol als pomp vervult.

Dit onderzoek vergt twee intraveneuze injecties (met een tussentijd van +/- 20 minuten) waarbij een radiotracer aan de rode bloedcellen wordt gehecht. Vervolgens worden er met behulp van de gammacamera beelden gemaakt van het hart terwijl er tezelfdertijd en synchroon een elektrocardiogram wordt genomen

Deze radiotracer heeft geen enkele bijwerking, maar mag niet worden gebruikt bij zwangere vrouwen (of bij vrouwen bij wie een zwangerschap wordt vermoed). Er is geen enkele bijzondere voorbereiding vereist; men moet zich niet nuchter aandienen. Het onderzoekt neemt in totaal ongeveer een uur in beslag.


 
CMS by DMoon